Getuigenis op Lokale Radio Maaseik

Op 24 april, na een dag telewerk met veel snot en hoofdpijn, lukte het mij niet meer om wandelend voorbij de brievenbus van Mia te geraken. Dat is 150 meter. Mijn eerste gedacht was: “Ik heb prijs“. Covid-19 in mijn lijf.

Enkele jaren geleden zag ik eens maandenlang af van galstenen. De dokters waren er nogal van overtuigd dat ik last had van mijn maag en zaten op een fout spoor. Covid-19 in mijn lijf was zoveel erger. Nooit eerder voelde ik mij mentaal en fysiek zo zwak. Compleet onderuitgehaald door een beestje uit Wuhan.

Nog steeds ben ik erg vermoeid na een wandeling van pakweg 500 meter. Maar het gaat al veel beter met mij. Als ik de trap op wandel om een jasje te halen, kom ik buiten adem beneden. Ook de hoest is nog niet helemaal weg.

Alleen mijn “drive” om iets te doen met mijn dag is 100% gebleven.

Het waren zware weken

De afgelopen weken waren niet alleen fysiek zwaar. Emotioneel was het bij momenten ondraaglijk. Ik ben van nature al een emotionele mens. Dat is nu alleen maar versterkt.

Al enkele weken was ik thuis aan het werk. Mijn enige verplaatsingen waren de lokale winkels en het opnemen van de mis. Steeds was ik voorzichtig.

Dat kan niet zijn dat ik prijs heb,” was de tweede gedachte, “ik zal wel iets slecht gegeten hebben“.

Na een telefoontje met de huisarts was ik gerust gesteld. De kans was bijzonder klein. Ze was wat ongerust door het veelvuldig hoesten, maar er was geen koorts. Enkel als het erger werd en het ademen moeilijk werd, moest ik me laten testen.

25 april. Er was pijn op mijn longen. Mijn benen voelden raar aan. Na een contact met de dokter van wacht ging ik naar de triage in Maasmechelen. Zuurstofsaturatie rond de 90. Ze twijfelden om mij verder te sturen. “Afwachten is de boodschap. Het ziet er niet goed uit, maar als het zo blijft kan je best gewoon thuis uitzieken.

Covid-19 in mijn lijf – zwart op wit!

Lang mocht het niet duren. Het ging snel achteruit. We moesten naar de Covid-19 spoeddienst in het ZOL. Ik bleek positief. Covid-19 in mijn lijf, zoals ik toen wel dacht. “Thuis in volledige afzondering“, was de boodschap. Een lijstje van quarantaine regels voor de huisgenoten was het logische gevolg.

Dan hoop je dat het snel overgaat. Ik had me thuis in mijn slaapkamer in isolatie geplaatst. Gelukkig hebben we een gastenkamer. Die kon dienen als ruimte waar Natalie mij eten bracht. Het toilet op het bovenverdieping mocht ook niet meer door mijn gezin gebruikt worden.

Maar de koorts ging niet weg. Ik ben zelden ziek, maar nu ging het echt niet meer. Ik ben een optimist, dus dacht ik dat het wel zou overgaan.

De koorts en vooral de uitputting werden erger en erger. De verplaatsing van enkele meters om te eten werd een opgave. Ondertussen had ik de pacs code van de foto van mijn longen gevonden. Ja, zo ben ik … soms moet ik het zwart op wit zien.

Foto’s van mijn longen lieten zien dat ik een ernstige longontsteking had, typisch voor covid-19. Normaal loop ik over van energie. Toen was ik constant uitgeput. Niet gewoon moe, maar leeg.

Er was maar één keuze: mij volledig overgeven aan mijn ziekte. Mij overgeven aan mijn bed, aan mijn zetel. Mijn longlast bleek te komen van een nieuwe longaandoening, veroorzaakt door een zogenaamde cytokinestorm. Dat is een gevolg van het in overdrive gaan van je afweer. De saturatiemeter die ondertussen mijn vriend was geworden bleef schommelen tussen 85 en 90. Mijn hartslag haalde bij momenten 170 slagen per minuut in rust. Mild nierfalen stond er ook in mijn dossier. Ik had al gelezen dat corona ook in de organen om zich heen slaat.

Eenzaam

Het werden eenzame dagen en nachten. ’s Nachts kon ik niet inslapen door het piekeren en de piepende adem. De dagen werden gevuld met slapen, een podcast luisteren, lezen en schrijven. “Zwijgen is geen optie” werd mijn tweede nieuwe vriend.

Tijdens de dag kwam Natalie op afstand eens praten. Maar ik had geen fut. Soms kwam er eens iemand buiten wuiven. Mijn stem verloor dag per dag aan kracht tot ik alleen nog maar kon fluisteren. Daar ben ik enkele dagen kwijt, ik weet er niets meer van.

Wat het meeste pijn deed: mijn hele leven heb ik gewijd aan anderen en nu was er niemand. Enkele keren stelde ik mij de vraag waar al die mensen nu zijn. Enkelen deden de moeite om eens te bellen. Sommigen kwamen zelfs eens zwaaien. Dat was van bijzondere waarde. Daar ben ik bijzonder dankbaar voor.

Langzaam beter …

Langzaam en dag per dag nam de koorts af en voelde ik mij beter. Verschillende dagen lukte het inslapen niet. Vaak zag ik nog 2u op de wekker. Het risico dat er alsnog iets ernstigs mis zou lopen bleef door mijn hoofd blijft spoken. Ook had ik kopzorgen over zaken waar je op dat moment beter niet mee bezig was. Mijn persoonlijke engagementen nog het meest.

Waar ik voor mijn ziek zijn al dacht aan al die mensen achter de cijfertjes, werd ik tijdens mijn ziek zijn alleen maar bozer op politici die om 11u een wedstrijd hielden om voor het eerst een nummer op facebook te smijten. Of die na een persconferentie van de veiligheidsraad het nodig vonden om eerst aan eigen politiek gewin te denken. Er sterven mensen, er zijn mensen ziek … jullie zijn echt ziek … ik wist met mijn eigen gedachten geen blijf.

Op maandag 11 mei mocht ik naar de drive-inn test. Het enige dat er door mijn hoofd ging: “Mag ik mij terug vrij in mijn eigen huis bewegen? Mag ik hier iedereen eens een knuffel geven?”

Op 12 mei ’s avonds … eindelijk die verlossende telefoon. Ik was virusvrij. Geen covid-19 meer in mijn lijf. Meteen was er die behoefte en die wil om terug door Dilsen-Stokkem te wandelen. Door de lege straten, langs de gesloten café’s en genieten van de stilte en frisse lucht in onze velden en bossen. Voor mijn quarantaine was er niemand op straat, honderden ganzen in de velden, fluitende vogels in de lucht.

Wat keek ik uit naar die wandelingen …

Helaas … Ik kon niet goed stappen, want mijn spieren waren verzwakt van het liggen en het gebrek aan beweging. Aan de ene kant heb ik gelachen met mijn “elastieken benen”, aan de andere kant heb ik lang zitten huilen. Na de quarantaine in de kamer opgesloten in mijn huis.

Laurens en Natalie zeiden dagelijks dat ik tijd moet nemen maar dat het uiteindelijk wel goed zal komen. Tijd nemen, niet mijn beste kant.

Afgelopen maandag zijn er terug foto’s gemaakt van de longen. Ze zijn beter. Vanaf volgende week mag ik weer halftijds werken. Dat maakt me blij, ook al is dat werken in deze omstandigheden zeer beperkt. .

Vandaag baart de tremor aan mijn armen en benen mij zorgen. Er zijn ook nog steeds momenten van de dag die plots verdwijnen. De angst dat ik er iets aan overhoud is nog niet helemaal weg. Al is er het geruststellende nieuws van de dokters dat ik normaal herstel. Zelf voel ik me ook wel iedere dag een beetje beter.

Ook dat is typisch voor covid-19 in je lijf: het virus verdwijnt, maar de gevolgen ervan blijven weken nazinderen.

De brievenbus van Mia

Gisteren geraakte ik voor het eerst terug voorbij de brievenbus van Mia. Dat was een mentale klik. Daar waar het stopte kon het echte herstel nu starten.

De gedachten dat we veel moeten veranderen in deze wereld blijft ook maar floreren in mijn hoofd. Ook voor mezelf. Ik ben niet tegen sociale media. Ik denk dat ze tijdens deze crisis echt ook wel hun nut hebben gehad in het verspreiden van informatie. Maar de hoeveelheid “Kijk, hier ben ik!” doet mij walgen.

Niet alleen in de politiek is dat egoïsme er. Het is er bij ons allemaal. Je kan veel zagen en klagen als je langs de lijn staat. Op een gegeven moment moet je ook zelf wel eens iets willen doen. Naar Brussel kijken voor de antwoorden is makkelijk. Ze zelf bedenken en uitvoeren is een andere zaak. Stop de “zever in pakskes” en kom in beweging.

Ik was al een no-nonsense figuur. Ik kan met de dag minder goed om met “zever in pakskes”. Just cut the crap en los de problemen op.

Het zal dus wel duidelijk zijn. Ik ga verder met mijn engagement. Een politiek op afstand, daar geloof ik niet in. Een politiek waar geld te verdienen valt ook niet.

Het moet gaan over dicht bij de mensen staan omdat je dat zelf wil. Vrijwillig. Fijn als je daar dan ook iets aan verdient. Problemen oplossen zit al even hard in mij dan die covid-19 in mijn lijf zit.

Misschien word ik wel iets selectiever in wat ik wil doen. Maar de hele dag Netflixen of in de zetel zitten mokken is sowieso al niets voor mij.

Written by

janssja

Als geboren en getogen inwoner van Dilsen-Stokkem en België wil ik onze inwoners terug trots maken en laten meewerken aan een toekomst waarin SAMEN centraal staat.